Reacties

Typecursussen schooljaar 2019-2020

Wil je blind leren typen met 10 vingers? In september gaan weer een aantal typecursussen van start:

  • maandag direct uit school (15.30 uur)
  • woensdag einde van de middag (17.30 uur)

Zit je op BSO Tiens, dan kun je op donderdag deelnemen op de Tiens lokatie.

Meer info of aanmelden

Ik heb zoveel aan de typecursus gehad, ik type veel sneller dan al mijn klasgenoten in de brugklas!

Maria

Concentratie, het probleem bij veel kinderen

Veel ouders die hun kinderen aanmelden voor bijles geven aan dat hun kind concentratieproblemen heeft of soms zelfs een concentratiestoornis (ADHD/ADD). Op Begrijpend lezen wordt slecht gescoord, want het kind is snel afgeleid en vult snel maar een antwoord in. Rekensommen worden afgeraffeld, vooral als het een verhaaltjessom is. Het kind neemt eenvoudigweg niet de tijd om te lezen.

Hoe ontstaan concentratieproblemen?

Het lijkt wel of concentratieproblemen steeds meer voorkomen. Kinderen zijn veel bezig met gamen en vluchtige filmpjes, ze lezen ook minder. Ze worden meer geëntertaind. Maar ook ouders zijn drukker en sneller afgeleid.

Uiteraard speelt leeftijd een belangrijke rol bij concentratie. Kinderen ontwikkelen hun aandacht naarmate zij ouder worden. De richtlijn van de aandachtsboog is:

  • 6 jaar: 10 minuten
  • 10 jaar: 20 minuten
  • 13+ jaar: 30 minuten

Concentratieproblemen komen voornamelijk door gebrek aan motivatie. Als iets niet leuk is, kan je kind zich er moeilijk toe zetten.

Ook is er veel afleiding: een drukke klas, herrie in huis of een mobieltje/tablet.

Rust, Reinheid, Regelmaat

Ook te weinig slaap en slechte voeding hebben een negatief effect op concentratie. Als ouder zult u alles moeten doen om rust, reinheid en regelmaat – grootmoeders 3 belangrijkste pijlers in de opvoeding die nog steeds werken – goed te organiseren voor uw kind. Niet altijd even makkelijk in een druk (samengesteld) gezin met werkende ouders en veel sporten en clubjes.

Hoe kunnen wij uw kind helpen zich beter te concentreren?

Concentratie kun je trainen. Door middel van beweging tijdens een taal- of rekenles is bewezen dat het kind de leerstof sneller onthoudt. Als je beweegt tijdens de les worden de hersenen meer geprikkeld, waardoor je meer procenten van je hersenen gebruikt en er dus minder ruimte overblijft om af te dwalen.

Met spelletjes en oefeningen kun je de concentratie van een kind trainen. Het beste is om telefoon en tablet spelletjes achterwege te laten en reguliere spelletjes te gebruiken zoals de geheugenspelletjes Memory of ‘Ik ga op reis en ik neem mee…’.

Afwisseling zorgt voor meer aandacht van een kind. Een nieuwe taak zorgt voor een nieuwe prikkel.

Aanmoediging, daar groeit je kind van. Als concentreren niet zo goed lukt, wees niet boos maar bemoedig je kind. Positief blijven kijken en het geven van complimentjes wanneer het wel lukt, helpt enorm voor de motivatie.

Aandacht van de ouders is belangrijk. En dan bedoel ik ook ‘echte’ aandacht. Let maar eens op het verschil tussen het contact met een kind als je zelf bent afgeleid door dagelijkse beslommeringen of wanneer je met je volledige aandacht bezig bent.

Waarom zoveel toetsen?

Leerlingen op de middelbare school maken soms wel 100 proefwerken en toetsen per jaar. Dat begint al vroeg. Een toets geeft het niveau van een kind aan en laat zien of het binnen een bepaald leerjaar of niveau hoog of laag scoort. Een toets kan aantonen wat leerlingen al weten, wat ze nog niet beheersen of waar ze zich nog verder kunnen ontwikkelen. Als je weet op welk gebied kinderen kunnen groeien of zich verder kunnen ontwikkelen, dan kun je ze onderwijs op maat bieden. In de praktijk vatten leerlingen en hun ouders het resultaat – meestal een cijfer – op als een absolute beoordeling van wat ze waard zijn.

Wat is de rol van ouders bij al dat getoets?

Ouders steunen hun kinderen daar waar ze kunnen in de aanloop naar de toetsen. In de eerste plaats door hun kinderen rust en zelfvertrouwen te geven. Of door ze te helpen met de voorbereiding en het plannen van het leerwerk. Als ouders er tijd voor hebben (en ze de leerstof zelf ook snappen) kunnen ze hun kinderen inhoudelijk helpen en begeleiden. Of hiervoor bijles en huiswerkhulp inhuren. Ouders zijn door dit schoolsysteem opgevoed en zijn zelf niet anders gewend. Ze houden het toets-systeem bewust, maar ook onbewust in stand want ze willen graag dat hun kinderen hoog scoren. In onze samenleving gaan we er vanuit dat je in het leven het “verst” komt als je het hoogst scoort. Ouders en ook de kinderen weten al in groep 4 of 5 dat slechte cijfers de opmaat kunnen zijn van een lager schooladvies in groep 8. Maar ook dat een hoge score kan betekenen dat je kind kan doorstromen naar een hoger schoolniveau.

Ouders willen feedback over de prestaties van hun kind. Niet alleen door wat de juf, meester, leraar of lerares hen vertelt over hun kind, maar ook door middel van een cijfer, letter of symbool. Die fungeren als bewijs. En als de kans op een welvarende toekomst voor je kind.

Tegelijk willen ouders ook dat hun kind zich op een gelukkige manier ontwikkelt. En vanuit zichzelf gemotiveerd is om te leren. Dat kinderen het leuk vinden om te leren en geen last hebben van toets-stress op school. Want ook dat komt steeds meer voor.

Minder cijfers en meer persoonlijke feedback

In het Finse schoolsysteem maken leerlingen onder de 16 jaar geen toetsen. De grondgedachte is dat ieder mens verschillende kwaliteiten heeft en bovendien in eigen tempo ontwikkelt. Gestandaardiseerde toetsen zijn daarom niet geschikt om de groei van alle kinderen te meten. Leerlingen krijgen woordelijke feedback in plaats van een cijfer. Ze worden niet op hun output beoordeeld, maar hoe ze zich persoonlijk ontwikkelen. Je geeft kinderen hiermee de kans om te groeien, zo luidt de theorie.

Deze theorie wordt ook meer en meer in Nederland omgezet in de praktijk. Sommige scholen in Nederland hebben cijfers helemaal afgeschaft of geven in één klas les op meerdere niveaus. Het gesprek met de ouders gaat over het volledige kind, wat het kind nog kan leren en wat de talenten zijn.

Het resultaat van een toets is bijna nooit een eindoordeel, behalve bij de eindexamens. Toetsen geven niet zozeer aan wat een leerling kan, maar waar hij of zij staat in het leerproces. Cijfers alleen zeggen niet zoveel. Als je wil weten hoe je kind zich ontwikkelt op school zijn het verhaal en de context belangrijker dan het cijfer.

Bron: oudersonderwijs.nl

Tienminutengesprek

Ook op de basisscholen in Naarden en Bussum is het weer tijd voor de Cito-toetsen. Ondanks dat oefenen niet perse nodig is, is het toch wel handig om voorbereid te zijn op de vraagstelling van de toetsen. Vandaar dat menig kind heeft geoefend bij Het Bijleslokaal.

Naar aanleiding van de resultaten van de kinderen worden de oudergesprekjes weer ingepland. De kinderen uit groep 8 krijgen hun advies, spannend! Wilt u weten hoe een tienminutengesprek er op sommige scholen aan toe gaat, bekijk dan dit hilarische filmpje.

Cursussen bij BSO Tiens Bussum

In oktober 2018 is Het Bijleslokaal gestart met een typecursus bij op de locatie van Tiens, de naschoolse SKBNM voor tieners  in Bussum.

Aan deze eerste cursus doen 6 enthousiaste leerlingen mee: jongens en meisjes uit groep 7, groep 8 en de brugklas. Op 7 februari zullen zij het examen maken en hopelijk allemaal het typediploma halen!

De week erna (14 februari) gaat een nieuwe typecursus van start.

Op 14 januari 2019 start de Engelse cursus met 5 leerlingen.

Meer info over de Tiens cursussen vindt u hier.

Training Leren Leren op basisschool Naarden

In juni zal Het Bijleslokaal de training ‘Leren leren’ verzorgen voor geheel groep 8 van een basisschool in Naarden. Dit op initiatief van enkele ouders en in samenwerking met het bestuur van de school.

De training ‘Leren leren’ is een goede voorbereiding op de brugklas en is voor alle kinderen geschikt, of ze nu in beeld of in taal denken. Het geeft hen houvast in het leren van stof en het slim gebruiken van je geheugen. Ook het plannen komt aan bod.

Nieuw: Sta Sterk! training in Naarden

De Sta Sterk! training is erop gericht om de sociale weerbaarheid van kinderen te vergroten. Zo leren zij voor zichzelf opkomen in onaangename situaties zoals bij pesten, uitschelden, uitlachen, bedreigende opmerkingen, buitensluiten en negeren.

Deelname aan de training is in groepsniveau of individueel. Op vrijdag 18 mei vindt de eerste training plaats.

Eerste typecursus van 2018 afgerond: alle kinderen diploma

Op maandag 16 april vond het type-examen plaats. In plaats van het gewoonlijke vrolijke geroezemoes van de leerlingen, heerste nu doodse stilte. Geconcentreerde gezichtjes met rode wangen, iedereen deed zijn opperste best. En met resultaat: alle 7 geslaagd. En hoe, allemaal ruim boven de 100 aanslagen per minuut en ruim onder de 2% fout.

Gefeliciteerd leerlingen, jullie zijn toppers!

5 veelgestelde vragen over Cito-scores

De meeste basisschoolkinderen in Naarden, Bussum en omstreken hebben inmiddels hun 2e rapport ontvangen. Soms zijn de resultaten op het 2e rapport ronduit verrassend in vergelijking met rapport nummer 1 van dat schooljaar of ten opzichte van de methodetoetsen. Hoe komt dat toch?

Waarom zijn de Cito-scores soms lager dan de cijfers die de juffen en meesters op het rapport geven? 

Naast dat een kind een keer zijn dag niet heeft, afgeleid, moe of niet lekker is, noemen wij de meest voorkomende redenen waarom uw kind lager scoort op de Cito-toets dan u had verwacht:

  • Cito-toetsen beslaan de leerstof van de gehele periode, eigenlijk is het een proefwerk over alles wat uw kind geleerd heeft tot nu toe. De cijfers die op het rapport worden gegeven zijn veelal voor methode gebonden toetsen uit de boeken waarmee de leerlingen werken. Per toets wordt slechts een onderdeel van de stof behandeld. Soms beheersen kinderen de stof op dat toetsmoment prima, maar als alle stof ineens tegelijk wordt getoetst (zoals bij de Cito-toets), raken zij in verwarring.
  • De Cito-toets is een moment opname, maar geen onbelangrijke. Door alle jaren heen, is er zeker een rode draad te zien in de resultaten van de Cito-toetsen. Als uw kind steevast slecht scoort bij Cito-toetsen en goed scoort bij methodegebonden toetsen, dan is dat wel iets om nader te bekijken.
  • Omdat de Cito vraagstelling anders is en er ook meer inzicht op rekengebied wordt gevraagd van een kind, kan de score daar lager zijn. De ‘verhaaltjessommen’ zijn voor een kind heel anders dan de ‘gewone’ sommen, die zij in de klas oefenen. Het omzetten van het verhaal naar de som is voor veel kinderen een probleem. De vaardigheid om deze vraagstelling te snappen, kan aangeleerd worden.
  • Onder andere bij de Cito-toets begrijpend lezen moeten kinderen zich goed concentreren, want er staan vragen in die uw kind gemakkelijk om de tuin kunnen leiden. Als uw kind snel is afgeleid of de toets in een sneltreinvaart maakt, kunt u er zeker van zijn dat veel vragen niet goed gelezen worden.
Tijdens het tweede 10-minutengesprekje in het schooljaar blijkt het toch minder goed te gaan met uw kind dan u verteld was. Hoe kan dat ineens?

Veel van dit soort problemen ontstaan door slechte communicatie. De leerkracht kan tevreden zijn met de prestaties en het gedrag van de leerling, maar zal wel duidelijk moeten maken waarmee hij/zij tevreden is. Als tijdens een eerste rapportgesprek wordt aangegeven dat de leerkracht de prestaties van de leerling ‘goed’ vindt, is dat wat een leerkracht ‘goed’ vindt, in uw beleving wellicht matig.

Een leerkracht maakt vaak een inschatting gebaseerd op de resultaten van voorafgaande jaren. Op sommige scholen wordt er in groep 4 een capaciteitentoets afgenomen zodat een leerkracht ook twijfelgevallen beter kan beoordelen. Wanneer je ziet dat een leerling hard werkt, instructies hard nodig heeft, soms ook een extra uitleg of extra oefening, dan ben je als leerkracht in principe tevreden wanneer deze leerling ‘voldoende scoort’. Kun je dan ook zeggen dat het ‘goed’ gaat? Ja, want je hebt als leerkracht het gevoel dat ‘eruit komt wat erin zit’.

Tip: Vraag bij de gesprekjes door naar welke cijfers de leerkracht mag verwachten van uw zoon/dochter.

Wat is het gemiddelde niveau van Cito-scores in Nederland?

Bij de indeling met de cijfers I t/m V wordt uitgegaan van 5 groepen van 20%.

I – 20% – ver boven het gemiddelde
II – 20% – boven het gemiddelde
III – 20% – de gemiddelde groep leerlingen
IV – 20% – onder het gemiddelde
V – 20% – ver onder het gemiddelde

In Nederland kennen we vier niveaus van voortgezet onderwijs:

  • praktijkonderwijs
  • vmbo
  • havo
  • vwo

Respectievelijk gaat ongeveer 20% van de leerlingen naar de havo, eveneens 20% naar het vwo en het overige en tevens grootste deel (60%) van de kinderen naar vmbo of praktijkonderwijs.

Het Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs, afgekort tot vmbo, kent vier soorten leerwegen: Basisberoepsgerichte leerweg (bb), Kaderberoepsgerichte leerweg (kb), Gemengde leerweg (gl) en Theoretische leerweg (tl). Ook bestaat er daarnaast Leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) voor kinderen die extra hulp nodig hebben. Als het vmbo te moeilijk is voor een kind om met goed gevolg een diploma ervan te halen, dan is het praktijkonderwijs.

Helpt het om te oefenen voor de Cito-toets?

Steeds meer scholen laten leerlingen oefenen voor de Cito-toets, maar ook als ouder kan je samen je kind voor deze toets oefenen. Bedenk dat de Cito-toets geen IQ-toets is, maar een toets waarbij wordt nagegaan in welke mate leerlingen bepaalde vaardigheden beheersen (taal, studievaardigheden en rekenen). Vaardigheden kan je aanleren met voldoende oefening. Het is dus zeker mogelijk om een hogere Cito-score te halen door voor de toets te oefenen. 

De Cito-toets wordt afgenomen in multiple choice vorm. Veel voorkomende fouten zijn slordig lezen, te snel antwoorden, te lang twijfelen en op de valreep antwoorden veranderen. Kinderen kunnen ervaring opdoen met het kiezen uit meerdere antwoorden waarbij er meestal twee goed lijken te zijn.

Oefenen, maar hoe?

Via internet zijn talloze manieren om Cito-toetsvragen te maken. Of u kunt Cito-oefenboekjes aanschaffen. Enkele tips:
leestrainer.nl, redactiesommen.nl, sommenfabriek.nl, oefenplein.nl, kids4cito.nl

Belangrijk: ga er samen met uw kind voor zitten en ontdek waar het probleem zit.

Mist uw kind instructie? Overleg met de leerkracht of er extra hulp op school mogelijk is. Probeer erachter te komen welk gedeelte van de stof het kind niet snapt.

Is uw kind slordig, gehaast of snel afgeleid? Zorg dan voor een rustige plek in huis en oefen op een afgebakend tijdstip (een kwartiertje oefenen voor het eten). Laat hem/haar gemaakte vragen altijd nakijken in plaats van als een razende er doorheen te lopen. Veel slordige foutjes voorkom je hiermee.

Wissel af, maak het ‘leuk’. Heeft uw kind bijvoorbeeld een hekel aan deelsommen maar kan hij/zij keersommen wel goed? Laat hem/haar dan moeilijke met gemakkelijke sommen afwisselen en geef complimenten als het goed gaat.

Beloon! Laat uw kind bijvoorbeeld 10 sommen maken en als er 8 goed zijn mag jij/zij stoppen met oefenen. Stickers doen het ook goed.

Wilt u het structureel aanpakken, dan biedt Het Bijleslokaal graag ondersteuning.